Over de verenigingsprofessional

(Eerder verschenen op mijn blog TFOA nav de Dag van de Verenigingsprofessional 2013 onder de titel: “Hoe een lans breken voor een beroep dat niet bestaat ?”)

Niet iedereen is het met me eens dat verenigingsprofessional een beroep op zich is. Zitten we daar wel op te wachten? Nog een hokje om mensen in te duwen. Kannibaliseren we hun effectieve waarde als jurist, sociaal of economisch adviseur? Administratief medewerker of management assistent, dat is voldoende bagage om het ook in een vereniging waar te maken. Hoe ga je dat verenigingengedoe in een vacature zetten? Wie wil zich zo ‘outen’ op een familiefeest? En ook die duizendpoten die van alles moeten doen binnen de organisatie: die heb je in het bedrijfsleven en op andere werkplekken ook, maar om ze een aparte titel te geven…

Misschien dekt de term verenigingsprofessional wel niet helemaal de lading, maar dat lijkt me vooral een probleem van de lading. Te weinig werknemers binnen beroepsverenigingen, sectororganisaties, en federaties – ze zijn volgens Sectorlink toch makkelijk met meer dan 3000 – staan te weinig stil bij de belangrijke taak die ze vervullen. In een Nederlands artikel las ik recent nog dat het een job is waarbij ”je écht de wereld een beetje kunt veranderen”. Of om een bekend Amerikaans citaat uit de vakliteratuur te parafraseren: ‘Verenigingsprofessionals zijn als cement tussen de bakstenen, ze vallen meestal niet op, maar zonder hen zou het huis niet blijven staan.’

Op zijn minst hebben verenigingsprofessionals hun geschiedenis tegen. De traditie wil dat we een verenigingsland van secretarissen zijn, half ingebed binnen de raad van bestuur, half ingebed of, nog frequenter voorkomend, vereenzelvigd met het secretariaat. Ik vergelijk het graag met de appendix, iedereen heeft er een, het lijkt van alles te doen, maar eens je er vanaf bent mis je het niet. Hoor je mij zeggen dat een vereniging zonder secretariaat kan?

Natuurlijk niet, maar laten we daar een volwaardig orgaan van maken – iets waar de organisatie leven uit kan halen. En dat minstens evenwaardig is als het bestuur, zij het dat het duidelijke andere taken heeft. We noemen het op zijn Hollands het Bureau (met hoofdletter B) en bevolken het niet alleen met een directeur, maar ook met stafmedewerkers en ondersteunende profielen. Samen ‘runnen’ ze de organisatie alsof het hun eigen ‘bedrijfje’ is. Naar de Raad van Bestuur wordt gerapporteerd over hoe ze het beleidsplan vorm geven en successen boeken, en soms ook eens niet, maar dat hoort erbij. Als het maar vooruit gaat. De opdracht: werken aan de toekomst van het beroep of de sector waar de vereniging voor staat.

Wat we dan echt nodig hebben zijn niet zomaar profielen, harde en zachte skills en competenties, maar ‘professionals’, jawel verenigingsprofessionals. Los van hun basisopleiding en professionele achtergrond, moeten ze de dynamiek van de organisatie aankunnen, de permanente verandering waaraan het beroep, de sector en de leden onderhevig zijn, de socio-economische wispelturigheid, de slaande en zalvende overheid. Teveel om op te sommen, maar alles bijeen op zijn zachtst uitgedrukt een ‘challenge’.

Nergens meer dan binnen een beroepsvereniging of sectororganisatie is ervaring de beste leermeester. Het aanbod van opleidingen (zij het basisonderwijs, zij het vorming) is beperkt. Dat maakt dat de omstandigheden waarbinnen de verenigingsprofessionals moeten werken optimaal moeten zijn. Een professionele en stimulerende omkadering, bij voorkeur niet geleid door de perfecte manager die te veel de uitvoerder-secretaris benadert, maar door een ‘thought leader’, iemand met visie en wilskracht. Iemand die op een evenwaardig niveau zijn mannetje kan staan tegenover de Raad van Bestuur.

Enkele jaren terug heb ik hem (of toenemend haar) nog een ‘Zeppos’ genoemd, naar de eigenwijze en geheimzinnige kapitein die in zijn amfibiewagen met op de achtergrond een Don Quichotaanse windmolen elke opdracht tot een goed einde bracht. Dat is het beeld dat elke verenigingsprofessional vandaag in de spiegel moet zien. Wie dat ziet en ook voelt dat hij niet alleen vandaag maar ook morgen de toekomst van een beroep of een sector zal veranderen is het meer dan waard om de titel van verenigingsprofessional te dragen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s